|
|
|
Proefstook
Nu de oven is drooggestookt, zal je nog moeten wennen aan de oven. Hiervoor gebruik je een aantal proefstoken. Iedere proefstook heeft weer een eigen opzet. De eerste zal zijn om de warmteverdeling in de oven te leren kennen. Het kan best zo zijn dat de oven aan de zijkanten warmer wordt dan in het midden. Andersom kan ook het geval zijn. Deze testen dienen zowel bij lage temperaturen (slumping) als bij hoge temperaturen (fusing) te worden uitgevoerd. Ook al zullen de proefstrookjes in principe de ovenplaat niet zullen raken, dan nog is het vanbelang dat de ovenplaat wordt behandeld met kilnwash. Mocht een strookje dan onverhoopt toch de ovenplaat gaan raken, dan is deze in ieder geval beschermd.
Lage temperaturen
Eerst moet de warmteverdeling bij lage temperatuur (slumping) worden bekeken. Uitgaande van een oven van 50x50 cm worden hiervoor 13 strookjes glas gesneden van 15x2 cm. Deze woren steeds op twee steuntjes van ongeveer 2 cm hoog geplaatst. Deze setjes worden over de oppervlakte van de ovenplaat verdeeld (twee aan iedere rand, drie onder elkaar in het midden en aan weerszijden hiervan nog twee dwars er op). Vervolgens wordt de oven in 20 minuten opgestookt naar 550 graden en wordt er vijf minuten op 550 graden gependeld. Daarna wordt er in 30 minuten naar 620 graden gestookt en wordt ook daar 5 minuten gependeld. Hierna wordt het programma beëindigd en kan de oven afkoelen. Als het goed is zijn alle strookjes glas licht doorgebogen. Het is van belang dat deze doorbuiging overal gelijk is.
Als deze doorbuiging niet overal gelijk is, dan is er een onregelmatige warmte verdeling in de oven. Hier zijn twee mogelijkheden: het is in het midden warmer dan langs de kant of het is in het midden kouder dan langs de kant. In het eerste geval zullen de teststrookjes in het midden verder zijn doorgezakt dan aan de rand, in het tweede geval is dit precies andersom. Op zich hoeft deze ongelijkmatige warmteverdeling geen probleem te zijn. Dit kan worden voorkomen door een andere plaatsing van de ovensteen (iets hoger door deze aan de onderkant uit te vullen) of een andere (langzamere) stookcurve.
Het midden is warmer
Dit zal over het algemeen meer voorkomen met een oven met wandverwarming en nagenoeg niet bij een oven met dekselverwarming. Om dit op te lossen kunnen langs de randen strookjes ovenplaat worden geplaatst waardoor ten eerste het warmteverlies langs de zijkanten wordt voorkomen en deze ten tweede de hitte terugkaatsen naar de zijkanten van het glas. Hierdoor wordt ook de nuttige ruimte op de ovenplaat kleiner waardoor je nog minder last krijgt van de koudere randen. Het nadeel is wel dat je hierdoor minder grote werkstukken in de oven kwijt kan. Je kan eventueel nogmaals een proefstook met de hierboven genoemde strookjes te maken waarbij je de oven langzamer opstookt / de ovenplaat iets hoger legt. Als hiermee wel een betere warmteverdeling wordt verkregen, kan je in ieder geval de maximale grootte van de ovenplaat blijven gebruiken.
Het midden is kouder
Dit zal over het algemeen alleen voorkomen met een oven met wandverwarming. Mocht je toch een oven hebben met dekselverwarming en het midden blijkt kouder te zijn, dan rest eigenlijk alleen het hoger plaatsen van de ovenplaat (waardoor er onder de ovenplaat een betere rondstroming van de warme lucht kan plaatsvinden) en het verlengen van tijd waarin de oven op temperatuur komt. Ook een iets kleinere ovenplaat zal de rondstroming van warme lucht onder de ovenplaat bevorderen.
Hoge temperaturen
Als eenmaal de werking van de oven bij lage temperaturen onder controle is, dan kan gekeken gaan worden naar de werking van de oven onder hoge temperaturen (fusing). Ook hier kan het midden warmer zijn dan de randen (de randen wel een full fuse en het midden meer een tack fuse) en het midden kan kouder zijn dan de randen (het midden een full fuse en de randen worden zelfs dikker). Om dit te testen moeten een vijftal proefstukjes worden gemaakt. Ieder proefstukje bestaat uit twee plaatjes blank glas van 7,5x7,5 cm en daarop in het midden een plaatje zwart van 7,5x2,5 cm. Vervolgens een strookje wit van 7,5x2,5 cm haaks op het strookje zwart en tenslotte een vierkantje zwart van 1,5x1,5 cm in het midden van het proefstukje. De vier hoeken van het proefstukje kunnen worden gebruikt voor het testen van frit, stringers en dergelijke. Vier van deze proefstukjes worden in de hoeken van de ovenplaat gelegd (minimaal 2 cm vrijlaten) en het vijfde wordt in het midden geplaatst.
Vervolgens wordt de oven in 20 minuten opgestookt naar 550 graden en wordt er vijf minuten op 550 graden gependeld. Daarna wordt er in 60 minuten naar 815 graden gestookt en wordt daar 10 minuten gependeld. Hierna wordt het programma beëindigd en kan de oven afkoelen. Nadat de oven is afgekoeld kunnen de proefstukjes worden bekeken. Als de stukjes er allemaal hetzelfde uitzien, dan is je oven gewoon goed. Mochten de resultaten onderling afwijken, dan kunnen een aantal maatregelen genomen worden. Verleng de tijd waarop de oven op maximale temperatuur wordt gehouden (gependeld). Om vervorming van het glas te voorkomen, dient de maximale temperatuur (proefondervindelijk) iets verlaagd te worden (5-10%). Ook hier helpt een iets kleinere en hoger geplaatste ovenplaat om een betere warmteverdeling te verkrijgen. Ook door het oppervlak, waarmee de ovenplaat op de steunen rust, te verkleinen kan een betere warmte verdeling worden verkregen. De steunen trekken ook warmte van de ovenplaat weg.
Als ook dit nog niet genoeg helpt, dan kan worden overwogen om in plaats van de stenen ovenplaat een ovenplaat uit fiberboard te gebruiken. Deze absorbeert namelijk minder warmte. Als uiterste redmiddel (als het midden tenminste warmer is dan de zijkant) is het 'uitrekken' van het element in het midden waardoor er meer wikkelingen van het element aan de rand zitten en er daardoor dus ook meer warmte aan de rand wordt geproduceerd. Doe dit alleen met handschoenen aan om de elementen niet te beschadigen! Er zit altijd vet en zuur aan je handen waardoor de elementen plaatselijk in kunnen branden en daarna vervangen zullen moeten worden! Dit zal echter alleen een blijvend effect hebben als de elementen evenwijdig aan de scharnieren zijn aangebracht.
Om te voorkomen dat lucht tussen de lagen glas ingesloten raakt, kan je de tijd waarin de oven de eerste temperatuur (550 graden) bereikt verlengen. Hierdoor krijgt de lucht meer kans om te ontsnappen.
|